Dag 1    Amsterdam - Riyad

Met welke maatschappij we gaan vliegen is nog niet duidelijk, maar de kans is groot dat we ergens moeten overstappen en al gauw zo’n tien uur onderweg zijn, en misschien ook pas laat in de avond of in de nacht aankomen in Riyad. We strijken neer in een hotel op een centraal punt in de stad.

Dag 2    Riyad, avondvlucht Abha

Riyad was ooit, nog niet zo heel lang geleden, een kleine lemen oasestad, diep verscholen in de woestijn. En toen kwam de olie, en groeide het uit tot de rijke stad die het nu is, waar de laatste jaren wolkenkrabbers uit de grond schieten. De stad is uitgestrekt en heeft meerdere centra, en ligt bovendien helemaal open vanwege de aanleg van maar liefst 600 kilometer metrolijn. Dat maakt dat het geen ‘wandelstad’ is, afgezien van het gedeelte met de souks.

We beginnen de reis met een volle excursiedag. We duiken in de geschiedenis van Riyad en Saoedi-Arabië en de rol van de familie Saoed daarin. We beginnen de dag met de bezienswaardigheden in de buurt van het hotel. 

Het eerste bezoek zal zijn aan het Masmak Fort. Dit fort controleerde het oude Riyad, en het was hier dat Ibn Saoed, de grondvester van de huidige dynastie, die later bekend stond als koning Abdulaziz, op 14 januari 1902 met een kleine groep getrouwen de poort forceerde en hier de macht overnam. Dit was de eerste stap, die gevolgd werd door de verovering van Riyad, en gedurende de jaren ’10 en ’20 de rest van het land. Pas in 1925 kreeg Ibn Saoed ook Mekka onder controle, dus dat heeft nog een hele tijd geduurd. Het fort is nu een museum die dit hele verhaal vertelt. In 1932 liet hij zich kronen tot koning Abdulaziz.

Iets verderop ligt het Nationaal Museum, dat redelijk recent opnieuw is ingericht. In handzame hoofdstukken wordt hier de hele geschiedenis van het Arabisch Schiereiland verteld vanaf de diepste oudheid tot nu. Met het bezoek aan deze twee musea zitten we er meteen helemaal in!

Na de lunch zullen we de stad van nu verlaten en gaan we op weg naar al- Dir'airyah. Deze lemen oasestad was de bakermat van de familie Saoed. Inmiddels wonen er geen mensen meer, en is het mooi gerestaureerd. Het is een UNESCO werelderfgoedsite. Een van de weinige plekken in Saoedi-Arabië waar je een oude stad in al zijn glorie kunt zien en ervaren.

Ergens hopen we vandaag ook nog wat tijd te hebben om even een uurtje over de souks te dwalen, waarvan de goudsouk de bekendste is. Of dat lukt is de vraag.

In de loop van de avond nemen we een vlucht naar Abha.

Abha ligt in het diepe zuiden van Saoedi-Arabië, en is de hoofdstad van de provincie Asir. Het is een fikse stad, en ligt op zo’n 2200 meter hoogte. Achter de stad ligt de berg Jebel Akhdar, waarvandaan je mooie uitzichten hebt. Beroemd is ook de kabelbaan naar de Jebel Sawda, met zijn top van 3133 meter hoog het hoogste punt van Saoedi-Arabië. Misschien gebruiken we de kabelbaan, maar dat hangt ervan af of hij daadwerkelijk in bedrijf is, wat lang niet altijd het geval is.

We slapen in een goed centraal gelegen hotel, zodat je de belangrijkste plekken op loopafstand hebt.

Dag 3    Abha

Vandaag gaan we er weer meteen op uit. We nemen de pas bij de Jebel Sawda over de bergkam. Ons doel is het dorpje Rijal al-Maa aan de andere kant van de bergrug. Het is een typerend dorp voor deze bergregio, en doet denken aan de dorpen in Jemen, voor wie daar ooit eens was. 

Met de komst van de oliebusiness in Saoedi-Arabië vloeide veel geld het land in, en dat leidde ertoe dat heel veel mensen hun traditionele huizen verlieten, zowel in de stad als in dit soort afgelegen regio’s, om elders in alle comfort in een modern huis te gaan wonen. Veel van deze traditionele dorpen zijn dus verlaten. Bij Rijal al-Maa is dat niet anders, maar hier is een restauratieproject gaande, om de traditionele structuur van het dorp te behouden. Eigenlijk is het dus een openluchtmuseum, en men hoopt hier binnenkort de UNESCO-werelderfgoedstatus aan te kunnen koppelen.

Na Rijal bezocht te hebben gaan we ergens lunchen en daarna gaat het weer via dezelfde weg over de bergen terug naar de stad. Terug in Abha is er wat vrije tijd, die je kunt gebruiken om de kleine maar fijne (voedings)warenmarkt te bezoeken (die overigens alle dagen van de week open is), en het daarbij gelegen kunstenaarscomplex van al-Muftaha, dat erg interessant is, evenals het daarbij gelegen privémuseumpje. Ook het Regionale Museum, net open, is interessant, al is de expositie kleiner dan het imposante gebouw doet vermoeden.

Vervolgens kijken we of er nog voldoende tijd over is om door te rijden naar de vlakte waarin de stad Mushayt ligt. Hier proberen we dan nog een paar mooie plekken te vinden aan de rand van de bergen waar onder andere nog rotsgravures te zien zijn.

Dag 4    Abha - Hail

Saoedi-Arabië is een groot land, en omdat we vanwege de kosten de reis ook niet te lang wilden maken in aantal dagen, hebben we ervoor gekozen om sommige trajecten met het vliegtuig te doen. In het schema hieronder zie je onze voorkeursvlucht, maar afhankelijk van de beschikbaarheid kan dat ook nog vroeger of later worden.

We vliegen dus naar Hail. Hail ligt in de streek Nadjd, en is nog steeds een belangrijke tussenstop op de pelgrimsroute naar Mekka, met name voor degenen die uit de richting van Irak komen. Het ligt ingeklemd tussen de bergen van Jibal Aga en de woestijn Rub’ al-Khali. In de 19de eeuw was het de hoofdstad van het Koninkrijk Hail, onder leiding van de clan van al-Rashid, deel van de Shammar-stam. Het was dit rijk dat door Ibn Saoed uiteindelijk van zijn voetstuk werd gestoten.

Hail staat vooral bekend om zijn monumentale forten: het A’arif Fort, het Barzan Kasteel en het al-Qishlah Kasteel. Naast deze monumenten heeft Hail natuurlijk ook een souk, vooral bekend om zijn kruiden en specerijen. We logeren in een hotel in de stad, niet te ver van de souks. 

Als overal in Saoedi-Arabië kan je makkelijk een taxi nemen als je ergens op eigen gelegenheid naar toe wilt, en dan is Uber veruit het gemakkelijkst, omdat je bij het bestellen meteen een vaste prijs afspreekt, erg handig.

Dag 5    Hail - Sakaka (Jawf) 

Vandaag gaan we voor het eerst een flinke afstand rijden, met de bus. Het is ongeveer 400 kilometer naar Sakaka, de hoofdstad van de regio Jawf. De weg voert dwars door de woestijn, de Nefud Al-Kebir, we komen weinig leven tegen. De wegen in Saoedi-Arabië zijn bijna overal overdadig breed, zoals men alles graag groot en ruim aanpakt. Vaak liggen er autowegen op plekken, waar een gewone tweebaansweg ook voldoende zou azijn geweest. Gelukkig doet dit niet af aan de vergezichten waar je van kunt genieten.

Negentig kilometer buiten Hail maken we een klein omweggetje om een van de meest bijzondere plekken met oude rotsgravures te zien: al-Jubbah. Deze zijn uitgehakt in de berg Jibal Umm Sinman, en dateren terug tot 10.000 jaar geleden. De afbeeldingen laten fragmenten zien uit het leven van toen, en ook van flora en fauna, die nu al lang niet meer voorkomen: ooit was het hier dus nog veel groener en vruchtbaarder. De verwoestijning stamt van ongeveer 3000 jaar geleden. Klimaatverandering in praktijk…

Daarna dus de grote doorsteek door de woestijn. We hopen in de loop in de middag in Sakaka aan te komen. Sakaka is de hoofdstad van de provincie Jawf. Het centrum van deze oasestad wordt gedomineerd door het Qasr Za’abal. Het ligt hoog op een rots, en het kasteel zelf is zo’n tweehonderd jaar oud. Waarschijnlijk was er echter al een fort hier in de tijd der Nabateeërs. Het fort speelde vroeger ook een belangrijke rol in de watervoorziening. 

Even buiten de stad, we stoppen er waarschijnlijk als we aankomen, vind je de bijzondere en mysterieuze staande stenen van Rajajil. Lang wist men niet waar dit Saoedische Stonehenge toe diende, maar recent onderzoek toont aan dat het om een begraafplaats gaat van ongeveer 6000 jaar geleden.

Dag 6    Sakaka - Tabuk

De eerste site die we vandaag bezoeken is Dumat al-Jandal, even ten westen van Sakaka. Het is een oude lemen oasestad, met een mooi fort, het Marid Fort en de Omar bin al-Khattab moskee. De geschiedenis van deze oase voert terug tot het begin der tijden. De Omar bin al-Khattab moskee is een van de beroemdste van Saoedi-Arabië. Hij dateert uit de tijd der Ommayaden, de hele vroege Islam dus, gebouwd volgens het stramien van de eerste moskee van de profeet zelf, die van Medina. Zijn lemen taps toelopende minaret is een beeltenis die je vaak tegenkomt door heel het land. 

Na Diumat al-Jandal rijden we weer verder naar Tabuk, nog een uur of vijf, zes rijden. In Tabuk strijken we neer in een hotel in de stad. We hebben waarschijnlijk nog wel even tijd om rond te dwalen door de winkelstraten van de souk.

Dag 7    Tabuk, excursie Wadi Hisma

Vandaag stappen we over op 4-wheeldrives. Hoewel we vandaag nog grotendeels over verharde wegen rijden, komen we aan het eind van de dag dan toch echt in de woestijn terecht, waar we deze auto’s echt nodig hebben.

We beginnen met een flink stuk rijden, helemaal richting de kust van de Rode Zee. Onze eerste reisdoel is de site van Madyan Shuaib, bij de stad al-Beda. Hier vinden we een aantal Nabatese graven, vergelijkbaar met die je waarschijnlijk kent uit Petra. Daar houdt de vergelijking ook mee op, want de site is veel prozaïscher gelegen, aan de rand van een oasestad. Maar de uitzichten zijn evengoed mooi, en de geschiedenis bijzonder. 

Vanuit al-Beda rijden we nog door naar de bronnen van Moses, Ain Musa, en naar Tayyeb Esm, een imposante kloof aan de Rode Zee. Daar kunnen we mooi picknicken. 

In de middag rijden we via al-Beda noordwaarts richting Jordanië. Het gebied hier is een voortzetting van de Wadi Rum in Jordanië, en heeft minstens zo’n mooie woestijnlandschappen. Hier heet het de Wadi Hisma. In de loop van de middag draaien we dit gebied echt binnen, om het helemaal via de bergen, kloven, duinen en langs de vele rotsgravures te doorkruisen tot we weer in de buurt van Tabuk komen. Het oorspronkelijke plan was om in de woestijn te kamperen, maar dat vindt men helaas toch te lastig om te organiseren. We slapen dus gewoon in Tabuk.

Dag 8   Tabuk - Wadi Disa - al-Ula

Hopelijk hebben we nog even tijd een paar plekken in de stad te bezoeken, zoals het Heijaz Spoorlijn Museum, en het kleine, maar interessante fort van de stad. Maar daarna vertrekken we dan snel voor weer een mooie rit dwars door de woestijn via onder andere de fraaie Wadi Disa. We eindigen tegen de avond in al-Ula, een mooi oasestadje in de provincie Medina. We overnachten in een soort van tentenkamp buiten de stad, de enige optie hier in de regio, overigens van alle gemakken voorzien.

Dag 9   al-Ula, excursie Madain Saleh

Toen Saoedi-Arabië twee jaar geleden zijn grenzen opende bleek al snel dat men met Madain Saleh nog niet zo ver was. Hoewel dit de belangrijkste en veruit bekendste niet-islamitische site van Saoedi-Arabië is, bleef het tot voor kort nog afgesloten voor gewone toeristen. En dat was jammer natuurlijk: het wordt ook wel het Saoedische Petra genoemd. Overeenkomst met Petra is dat het ooit een Nabatese stad was, en dat men ook hier zijn doden begroef in uit de rotsen gehakte graven. Daar zijn er zo’n 111 van. Landschappelijk ligt het ook prachtig, al heeft het geen mysterieuze kloof zoals Petra. 

Inmiddels heeft de Saoedische overheid de site gelukkig opengesteld. Mocht Madain Saleh onverhoopt toch gesloten zijn (we hebben een zeker wantrouwen over hoe men tot nog toe met deze zaken omgaat), dan komen we evengoed naar al-Ula toe, en bekijken de fraaie omgeving waar je ook weer her en der rotsgravures kunt vinden. Daarnaast is het stadje zelf ook leuk, en heeft een relaxte sfeer die je elders niet zoveel tegenkomt.

Dag 10    al-Ula - Medina

Nu Medina opengesteld is voor buitenlanders gaan we hier ook een kijkje nemen. Het is de enige plek die we niet op voorhand verkend hebben. We laten ons dus verrassen. De Al-Masjid an-Nabawī, oftewel de Moskee van de Profeet zullen we uiteraard niet in mogen - je mag geen enkele moskee in Saoedi-Arabië binnen, maar we zullen hem wel even van buiten gaan bekijken. We hebben het hier over de geboortegrond van de profeet Mohammed immers.

Dag 11    Medina - Jeddah

We laten Medina achter ons en rijden naar Jeddah, de laatste halteplaats van onze reis. Ergens aan het eind van de rit zullen we langs de weg de beroemde borden zien “Makkah - Muslims only” en dan de afslag nemen naar “Jeddah - Obligatory for non muslims”. Mekka is immers nog steeds uitsluitend toegankelijk voor moslims. Het enige dat we misschien zullen zien is in de verte het puntje van de immense 400 meter hoge op de Big Ben lijkende klokkentoren die de Saoedi’s met gevoel voor wansmaak pal naast de al-Masjid al-Haram, de grote moskee met de Kaaba, hebben gebouwd.

In Jeddah strijken we neer in de wijk al-Hamra, in de buurt van de Boulevard Falastin en de Corniche. Hier liggen veel hotels, en zijn volop restaurantjes, en de Corniche is natuurlijk de place to be in de avonduren, wanneer de lokale bevolking hier volop komt flaneren.

Aan het eind van de Corniche is een openluchtmuseum met beelden van westerse kunstenaars als Moore en Miro, bijzonder natuurlijk voor Saoedi-Arabië.

Dag 12   Jeddah

Jeddah is een stad, zoals er geen andere is in Saoedi-Arabië: de sfeer is er veel relaxter, er is volop reuring, en er is ook nog verschrikkelijk veel te zien. Het is niet voor niets de culturele hoofdstad van het land. De ligging aan de Rode Zee heeft heir tot een liberaler klimaat geleid dan elders. De vele contacten met de buitenwereld helpen daarbij.

Vandaag verkennen we de stad. Op het programma staan in eider geval een bezoek aan het Abdul Raouf Khalil Museum, een privémuseum met een bizarre verzameling van alles, letterlijk alles, wat met Saoedi-Arabië et maken heeft, en natuurlijk al-Balad, het historische centrum van de stad. Daar maken we in ieder geval een wandeling met onze gids, maar we zorgen ook dat er vrije tijd is, want daar leent de stad zich uitstekend voor.

Al-Balad is authentiek en nog grotendeels in oude staat. Ook hier hebben de Saoedi’s hun huizen grotendeels verlaten, en zijn er vooral gastarbeiders in de oude panden terecht gekomen. Daardoor is het wel erg vervallen, maar wel in zijn oude structuur intact gebleven. De hoge huizen zijn opgetrokken uit koraalgesteente, en hebben kenmerkende houten raampartijen, de zogenaamde rowshans. Al-Balad heeft de UNESCO-werelderfgoedstatus, en langzaam maar zeker komen er restauraties op gang, al zijn er veel eigenaren - die oude Saoedische families dus, die weggetrokken zijn - die hier niet aan meewerken.

Een van de oude huizen, het Nasif-huis, staat midden in de stad, en wordt hopelijk binnenkort heropend als museum. Verder zijn er allerlei souks, zoals ook gewoon een ouderwetse groentemarkt, en die zijn tot in de avond open, en maken het een fascinerend gebied om doorheen te struinen. Mocht je tot nog toe af en toe het gevoel gehad hebben dat het oude Arabië verdwenen is, hier is het nog.

Dag 13   Jeddah - Amsterdam 

Vroeg uit de veren voor de vlucht terug naar Amsterdam.

 

Voorbehoud

Ons programma is zorgvuldig bedacht en gepland en we hebben er een verkenningsreis voor gemaakt. Maar het is wel een pioniersreis, de eerste die we hier maken. Onze manier van reizen, en onze interesses, zijn anders dan de lokale touroperators gewend zijn, omdat zij tot nog toe alleen voor vermogende Arabische klanten werkten en olie-expats. 

Het kostte bijvoorbeeld al veel moeite om hen te overtuigen dat we niet hechten aan 5 sterrenhotels. Maar we gaan reizen met een goede lokale gids, die al dit soort plekken die wij interessant vinden goed kent. Maar door omstandigheden, of bijvoorbeeld dat we toch andere vluchten moeten boeken, kan het programma gewijzigd worden, of bijvoorbeeld hier of daar de volgorde veranderd worden. Maar we doen ons best het programma als gepland uit te voeren natuurlijk. Het is ons in ieder geval wel gelukt om her en der van de gebaande paden af te wijken.